ECLI:NL:CRVB:2019:859
Centrale Raad van Beroep · 14-03-2019 · zaaknummer 18-4625 AW
Inhoudsindicatie
Niet is gebleken dat betrokkene de intentie had om het primaire proces te stagneren door niet tijdig (aangepaste) concepten aan te leveren en niet te communiceren over de voortgang van de zaken. Met de adviescommissie en de rechtbank is de Raad van oordeel dat onder deze omstandigheden niet kan worden gesproken van verwijtbare tekortkomingen die plichtsverzuim opleveren. Het bestuur was daarom niet bevoegd tot het opleggen van een disciplinaire straf. Betrokkene heeft in het incidenteel hoger beroep aangevoerd dat de rechtbank ten onrechte heeft vastgesteld dat zij niet heeft betwist dat op 19 mei 2017 negen dossiers in haar kast zijn aangetroffen waarvan de vonnistermijnen waren verstreken en dat zij daarover geheel niet heeft gecommuniceerd met haar leidinggevende. Dit betoog slaagt.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
