ECLI:NL:CRVB:2019:4333
Centrale Raad van Beroep · 24-12-2019 · zaaknummer 16/1083 AWBZ
Inhoudsindicatie
Terugvordering pgb. Appellanten hebben ook in hoger beroep niet toegelicht of anderszins op volledige, eenduidige en objectief verifieerbare wijze inzichtelijk gemaakt hoe zij de pgb’s hebben besteed. Met de stelling van appellanten dat zij geld hebben uitgeleend aan een zorgverlener en geld hebben gestort op een derdenrekening in verband met een geschil met diezelfde zorgverlener over het aantal gewerkte uren en het overleggen van het vonnis van de rechtbank in dat geschil, hebben zij nog niet voldoende inzichtelijk gemaakt dat en in welke omvang AWBZ-zorg is verleend en wat daarvoor is betaald. Hierdoor is niet aannemelijk geworden dat meer zorg is verleend en betaald dan het zorgkantoor reeds heeft goedgekeurd. De enkele verwijzing naar ingediende urendeclaraties en bankafschriften is niet voldoende voor een ander oordeel. Dit leidt tot de conclusie dat appellanten niet aan de op hen rustende bewijslast hebben voldaan om aannemelijk en inzichtelijk te maken dat de pgb’s zijn besteed aan AWBZ‑zorg.
Advocaten
- C.J. Driessen
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
