ECLI:NL:CRVB:2019:3462
Centrale Raad van Beroep · 06-11-2019 · zaaknummer 18/4179 WMO15
Inhoudsindicatie
Afwijzing aanvraag voor een traplift. Tijdens de beroepsprocedure heeft de echtgenoot van appellante – ook – een aanvraag gedaan voor een traplift. Het college heeft die aanvraag toegewezen en een traplift verstrekt. Met juistheid heeft de rechtbank het beroep van appellante niet-ontvankelijk verklaard wegens het ontbreken van procesbelang. De Raad verenigt zich met het oordeel van de rechtbank en onderschrijft de overwegingen waarop dat oordeel berust volledig. Er is geen sprake geweest van enig financieel nadeel dat appellante heeft geleden. De Raad gaat voorbij aan het eerst in hoger beroep naar voren gebrachte standpunt dat haar zoon wel degelijk om betaling van de ondersteuning heeft verzocht, nu ter zitting van de rechtbank expliciet is verklaard dat de ondersteuning “om niet” is verleend. Dat appellante tijdens het keukentafelgesprek mogelijk onjuist is geïnformeerd over de mogelijkheden met betrekking tot een pgb, doet aan het voorgaande niet af.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
