ECLI:NL:CRVB:2019:3027
Centrale Raad van Beroep · 20-09-2019 · zaaknummer 18/4725 PW-V
Inhoudsindicatie
Verzet ongegrond. Griffierecht niet tijdig betaald. De Raad is van oordeel dat appellant geen feiten of omstandigheden heeft aangevoerd op grond waarvan zou moeten worden geoordeeld dat appellant niet in verzuim is geweest. De Raad heeft bij brief twee recente loonstroken opgevraagd en deze heeft appellant niet overgelegd. Anders dan appellant is de Raad van oordeel dat de inkomensverklaring over 2016 onvoldoende actueel is en dat appellant met de overlegging daarvan niet heeft voldaan aan wat de Raad heeft verzocht. Verder wordt opgemerkt dat ook in de uitspraak van de Hoge Raad (ECLI:NL:HR:2016:188) geen actuele inkomensgegevens beschikbaar waren, wat heeft geleid tot afwijzing van het verzoek om vrijstelling griffierecht.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
