ECLI:NL:CRVB:2019:1744
Centrale Raad van Beroep · 15-05-2019 · zaaknummer 18/1648 WAO
Inhoudsindicatie
Anticumulatie wegens eenmalige cao-uitkering. De in artikel 5.4 van de cao vermelde eenmalige uitkering kan niet worden gezien als een periodieke uitkering als bedoeld in artikel 2, achtste lid, van de Regeling samenloop. De betreffende uitkering moet wel als loon in de zin van artikel 44 van de WAO worden aangemerkt. Geen bijzondere omstandigheden om artikel 44, tweede lid, van de WAO niet toe te passen. Het Uwv heeft terecht vastgesteld dat de WAO-uitkering in de maand maart 2016 moet worden betaald naar een mate van arbeidsongeschiktheid van 65 tot 80%, zodat appellant teveel voorschot heeft ontvangen en het te veel betaalde voorschot moet terugbetalen. Van dringende reden om van terugvordering af te zien is niet gebleken.
Advocaten
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
