Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2019:170

Centrale Raad van Beroep · 10-01-2019 · zaaknummer 18/2371 AW

Bestuursrecht; AmbtenarenrechtGepubliceerd 18-01-2019
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

De Raad is, anders dan de rechtbank en de korpschef, van oordeel dat de verweten gedraging in dit geval geheel in de sleutel moet worden gezet van gebreken in het functioneren van appellant. Het appellant verweten plichtsverzuim bestaat er in de kern in dat de administratieve afwerking van zaken door hem niet of niet tijdig plaatsvond. In het verlengde van een juiste taakvervulling zodat appellant, mede gezien de in 1.3 genoemde beoordeling, wel een verbetertraject mocht verwachten maar geen disciplinaire maatregel. Van adequate sturing of monitoring dan wel waarschuwing van de kant van de leidinggevende(n) van appellant is niet gebleken. Onder deze omstandigheden kan niet worden gesproken van een verwijtbare tekortkoming die een strafwaardig plichtsverzuim oplevert. Hoger beroep slaagt.

Advocaten

Partijen

  • [appellant]

    appellant · onbekend

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.