ECLI:NL:CRVB:2018:884
Centrale Raad van Beroep · 22-03-2018 · zaaknummer 18/211 AW-VV
Inhoudsindicatie
De conclusie van de rechtbank, dat verzoeker niet aannemelijk heeft gemaakt dat betrokkene de aan hem verweten gedragingen heeft begaan, komt de voorzieningenrechter niet onbegrijpelijk voor. Naar het voorlopige oordeel van de voorzieningenrechter is er dan ook geen sprake van een redelijke mate van waarschijnlijkheid dat de aangevallen uitspraak geen stand zal houden, zodat er geen aanleiding is de gevraagde voorlopige voorziening te treffen.
Rechters
Advocaten
- M. van Doesum
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
