ECLI:NL:CRVB:2018:3176
Centrale Raad van Beroep · 11-10-2018 · zaaknummer 18/782 AW
Inhoudsindicatie
Waarnemingstoelage ten onrechte geweigerd. Vanaf april 2013 was sprake van het tijdelijk verrichten van een samenstel van werkzaamheden dat een andere, hoger gewaardeerde, functie vormde dan die van de formele functie van appellanten. Dit samenstel van werkzaamheden, dat door het bevoegd gezag is opgedragen, betrof hier de werkzaamheden van [functie 5], salarisschaal 10. Dit betekent dat sprake was van waarneming in de zin van artikel 17 van het Bbp. De korpschef heeft de toekenning van de waarnemingstoelage over de periode van 1 april 2013 tot 1 juli 2016 dan ook in redelijkheid niet kunnen weigeren. De Raad voorziet zelf in de zaak en kent appellanten over de periode van 1 april 2013 tot 1 juli 2016 alsnog, conform artikel 17, derde lid, van het Bbp, een volledige waarnemingstoelage toekennen ter grootte van het verschil tussen salarisschaal 9 en 10 wegens het volledig waarnemen van de functie van [functie 5].
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
