ECLI:NL:CRVB:2018:3126
Centrale Raad van Beroep · 11-10-2018 · zaaknummer 16/3535 WIA
Inhoudsindicatie
Aangevallen uitspraak 1. Appellant heeft in hoger beroep in essentie dezelfde gronden aangevoerd als in beroep. De rechtbank heeft deze gronden afdoende besproken en heeft gemotiveerd waarom deze niet slagen. Het oordeel over de medische grondslag van het bestreden besluit en de daaraan in de aangevallen uitspraak ten grondslag gelegde overwegingen 6 en 7 worden geheel onderschreven. Het door appellant in hoger beroep overgelegde rapport van verzekeringsarts Fokke van 10 juli 2018 geeft geen aanleiding voor een ander oordeel. Aangevallen uitspraak 2. Met de rechtbank wordt geoordeeld dat het Uwv terecht heeft vastgesteld dat appellant met ingang van 14 juli 2014 geen recht heeft op herleving van zijn WIA-uitkering. De overwegingen 8 en 9 in de aangevallen uitspraak die tot dat oordeel hebben geleid worden onderschreven. Aan het in hoger beroep ingediende rapport van verzekeringsarts Fokke van 10 juli 2018 kan ook voor 14 juli 2014 niet die waarde gehecht worden die appellant daaraan gehecht wil zien. Terecht oordeel in beide uitspraken dat geen ruimte bestond voor een arbeidskundige beoordeling.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
