ECLI:NL:CRVB:2018:2241
Centrale Raad van Beroep · 24-07-2018 · zaaknummer 16/6335 PW
Inhoudsindicatie
Eenmalige gift. Inkomen. In dit geval is sprake van een eenmalige bijschrijving op de bankrekening van appellant afkomstig van zijn vader. Op de vader rust op grond van artikel 1:392, eerste en tweede lid, van het BW een onderhoudsverplichting ten opzichte van appellant in geval van behoeftigheid. Appellant heeft het bijgeschreven bedrag aangewend ter voorziening in de kosten van levensonderhoud. De bijschrijving is gedaan in een periode waarin hij niet over enige vorm van inkomsten beschikte. Appellant had wel een aanvraag om bijstand ingediend, maar daarop was nog niet beslist. Daarmee heeft de bijschrijving betrekking op een periode waarover een beroep op bijstand is gedaan. Onder deze omstandigheden komt de bijschrijving op zijn minst naar zijn aard overeen met de onder 4.2 genoemde inkomensbron. Dit betekent dat de bijschrijving op grond van artikel 32, eerste lid, van de PW als inkomen moet worden aangemerkt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
