ECLI:NL:CRVB:2018:1802
Centrale Raad van Beroep · 14-06-2018 · zaaknummer 16/2422 MAW
Inhoudsindicatie
Het betoog van appellant dat sprake is van strijd met de beginselen van onafhankelijkheid en onpartijdigheid van de rechtspraak, omdat in de meervoudige kamer van de rechtbank een militair lid zitting had, slaagt niet. Beoordeling naar vaste rechtspraak. In beroep voldoende gelegenheid voor toelichting standpunten. Parttime werken in twee refertejaren is een keuze geweest. Appellant is op geen enkele wijze benadeeld door de toegepaste berekeningswijze door de staatssecretaris. De uitbetaalde verzekeringsuitkeringen zijn aan te merken als inkomen en mochten op grond van artikel 84, tweede lid, van het RRDpl bij de berekening van het uitkeringsbedrag worden betrokken. De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat het beleid van de staatssecretaris met betrekking tot een verzoek om verlenging van de termijn van twee jaar, niet kennelijk onredelijk is.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
