ECLI:NL:CRVB:2018:1534
Centrale Raad van Beroep · 24-05-2018 · zaaknummer 15/6438 AW
Inhoudsindicatie
Gelet op de aard en de ernst van het plichtsverzuim, de positie van appellant als [functie A] en zijn werk als [functie B] , is de Raad van oordeel dat de disciplinaire maatregel van ontslag niet onevenredig is aan de ernst van het plichtsverzuim. Wat appellant heeft aangevoerd over de grote (financiële) gevolgen van het ontslag leidt niet tot een ander oordeel. Terecht heeft de Kroon het belang bij beëindiging van het dienstverband zwaarder laten wegen dan het belang van appellant bij voortzetting van het dienstverband.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
