ECLI:NL:CRVB:2017:433
Centrale Raad van Beroep · 08-02-2017 · zaaknummer 15/344 WMO
Inhoudsindicatie
Afwijzing aanvraag traplift. Doordat betrokkene de traplift voorafgaand aan het doen van de aanvraag heeft gerealiseerd, was op het moment van de aanvraag de noodzaak tot het treffen van de gevraagde voorziening niet langer aanwezig. Het college kan aan artikel 4.2, eerste lid, aanhef en onder a, van de Verordening de bevoegdheid ontlenen om de traplift te weigeren. Het college heeft in strijd met de wet gehandeld door de afwijzing van de traplift te baseren op artikel 4 van de Wmo in plaats van op artikel 4.2, eerste lid, aanhef en onder a, van de Verordening. Omdat aannemelijk is dat appellanten hierdoor niet worden benadeeld zal het bestreden besluit ondanks de hiervoor genoemde schending met toepassing van artikel 6:22 van de Awb in stand worden gelaten.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
