ECLI:NL:CRVB:2017:3926
Centrale Raad van Beroep · 08-11-2017 · zaaknummer 16/6225 AWBZ
Inhoudsindicatie
Herziening en terugvordering pgb. Tussen partijen is niet in geschil dat appellant de betalingen, op één betaling van € 500,- na, aan zijn zorgverlener in het jaar 2013 contant heeft verricht. Dit betekent dat appellant niet heeft voldaan aan de in artikel 2.6.9, eerste lid, aanhef en onder j, van de Rsa opgenomen verplichting tot girale betaling. Het Zorgkantoor was daarom bevoegd om het pgb voor het jaar 2013 lager vast te stellen. Nu het Zorgkantoor in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot het lager vaststellen van het pgb gebruik heeft kunnen maken, heeft het Zorgkantoor aan appellant onverschuldigd een bedrag van € 4.990,55 aan voorschotten betaald en is het tot terugvordering daarvan bevoegd. Met de rechtbank is de Raad van oordeel dat de door appellant aangevoerde omstandigheden niet meebrengen dat het Zorgkantoor niet redelijkerwijs tot terugvordering heeft kunnen overgaan.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
