ECLI:NL:CRVB:2017:3396
Centrale Raad van Beroep · 05-10-2017 · zaaknummer 16/6625 MAW
Inhoudsindicatie
De door betrokkene in zijn incidenteel hoger beroepschrift aangevoerde omstandigheden leveren geen onbillijkheid van overwegende aard als bedoeld in artikel 31 van het VKBD op, op grond waarvan de minister aan hem een hogere vergoeding had moeten toekennen dan de afbouwvergoeding van drie maanden die hem is toegekend. Geen bijzondere omstandigheid.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
