ECLI:NL:CRVB:2017:2919
Centrale Raad van Beroep · 09-08-2017 · zaaknummer 16/1161 ZW
Inhoudsindicatie
Gelet op de omstandigheden in 4.3 kon het Uwv ingevolge artikel 7:3, aanhef en onder c, van de Awb afzien van het horen van appellant. Terecht oordeel rechtbank om de rechtsverhouding tussen appellant en zijn zoon als uitgangspunt tenemen bij de beantwoording van de vraag of appellant werkzaam is geweest in een dienstbetrekking. Rechtbank heeft terecht geoordeeld dat appellant de werkzaamheden die hij heeft verricht op basis van de zorgovereenkomst niet heeft verricht in een dienstbetrekking. Dit betekent dat appellant niet verzekerd was voor de ZW.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
