ECLI:NL:CRVB:2017:1815
Centrale Raad van Beroep · 04-05-2017 · zaaknummer 16/4095 AW
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft op goede gronden geoordeeld dat met de uitspraak van de Raad van 10 september 2015 het ontslagbesluit en het bedrag dat de staatssecretaris aan bezoldiging mocht terugvorderen wegens over de periode van 1 september 2005 tot en met 31 januari 2012 ontvangen WAO-uitkering en suppletie-uitkering in rechte zijn komen vast te staan. Rechtsgeldigheid van die uitspraak kan niet ter discussie gesteld door appellantes stelling dat deze uitspraak verbindende kracht mist in onderhavig geschil. Het oordeel van de Raad, in lijn met rechtspraak van de Hoge Raad en de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, is dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat de staatssecretaris tweemaal de maximale dwangsom verschuldigd was.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
