ECLI:NL:CRVB:2017:1074
Centrale Raad van Beroep · 16-03-2017 · zaaknummer 16/3618 AW
Inhoudsindicatie
1) Beoordeling. De onvoldoende score voor ‘werkwijze’ houdt stand. Een vakantieperiode van een deel van het jaarlijkse vakantieverlof in een tijdvak van zes maanden kan niet ongebruikelijk genoemd worden. Daar komt bij dat appellant nog minder zaken had afgewerkt dan het voor hem aanvankelijk geldende uiterste minimum. 2) Ontslag. Geen grond om te oordelen dat appellant geen reële verbeterkans is geboden. De onvoldoende beoordeling en het intensieve verbetertraject vormen voldoende grondslag voor het ongeschiktheidsontslag. Niet gezegd kan worden dat het bestuur niet van deze ontslagbevoegdheid gebruik mocht maken. 3) Re-integratieplan. De omstandigheid dat het bezoldigingsniveau van de tijdelijke werkzaamheden twee schalen lager was is geen grond om die werkzaamheden niet passend te achten.
Advocaten
- Mr. E.A.M. van Gaal
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
