ECLI:NL:CRVB:2016:4595
Centrale Raad van Beroep · 25-11-2016 · zaaknummer 14/2277 WIA
Inhoudsindicatie
Hetgeen appellante heeft aangevoerd over rechtsoverweging van de tussenuitspraak en over haar aflossingscapaciteit kan niet aan de orde komen in het kader van de einduitspraak. Geen bijzonder geval. Het Uwv heeft het in de tussenuitspraak geconstateerde gebrek hersteld. Het Uwv is bereid het bedrag van € 278,87 in mindering te brengen op het bedrag dat resteert aan vordering. De Raad ziet aanleiding om zelf in de zaak te voorzien door te bepalen dat de vordering van het Uwv op appellante € 143,05 bedraagt.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
