ECLI:NL:CRVB:2016:4083
Centrale Raad van Beroep · 21-10-2016 · zaaknummer 12/4685 CSV
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft terecht geoordeeld dat het Uwv wettelijke rente is verschuldigd aan betrokkene over de periode tussen de betaling en de terugbetaling van het te veel betaalde bedrag. Nu het Uwv de eerder in 2004 vastgestelde premienota’s en boetebesluiten heeft herzien en nader vastgesteld op lagere bedragen moet geconcludeerd worden dat uit de besluiten van 28 januari 2011 voor het Uwv een betalingsverplichting jegens betrokkene voortvloeit. Deze betalingsverplichting is vastgesteld en ontstaan na het tijdstip van inwerkingtreding van de Wet van 25 juni 2009 tot aanvulling van de Awb. Dit betekent dat de rechtbank terecht heeft geoordeeld dat artikel 4:102 van de Awb van toepassing is op deze betalingsverplichting van het Uwv. Het Uwv is op grond van artikel 4:102 van de Awb verplicht is tot vergoeding van wettelijke rente aan betrokkene. Gezien de verplichting tot betaling van wettelijke rente is er voldoende aanleiding om, doende wat de rechtbank zou behoren te doen, te bepalen dat het Uwv aan betrokkene de wettelijke rente dient te vergoeden over het bedrag van € 40.140,62 over de termijn tussen de betaling ervan door betrokkene en de terugbetaling aan betrokkene. 12/4685 CSV
Advocaten
- G.F. Storm
- P.R.H. Min
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
