ECLI:NL:CRVB:2016:356
Centrale Raad van Beroep · 28-01-2016 · zaaknummer 13-6434 WUV
Inhoudsindicatie
Tussenuitspraak. Korting op Wuv-uitkering wegens vermogen. Afwijzing verzoek om herziening van het vermogen. Afwijzing verzoek om de uitkering opnieuw vast te stellen. Bij de beoordeling van het vermogen wordt rekening gehouden met de totale vermogens- en inkomstenpositie van de uitkeringsgerechtigde en zijn echtgenoot. De systematiek van artikel 59a, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wuv is aldus dat op ieder gewenst moment om vermogensherziening kan worden verzocht. Naar aanleiding van zo’n verzoek moet dan eenvoudigweg worden bezien of het vermogen ten tijde van dat verzoek is verminderd ten opzichte van het vastgestelde vermogen. Dat geldt onverkort als al eerder vergeefs om vermogensherziening is verzocht. Het is dus niet juist geweest dat verweerder bij de besluitvorming naar aanleiding van het verzoek uit 2012 de situatie in december 2010 tot referentiepunt heeft genomen in plaats van het vastgestelde vermogen. Geen draagkrachtige motivering. De Raad draagt verweerder op de gebreken in de bestreden besluiten te herstellen.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
