ECLI:NL:CRVB:2016:2032
Centrale Raad van Beroep · 02-06-2016 · zaaknummer 15/2596 AW
Inhoudsindicatie
De vergoeding is een onkostenvergoeding en kan niet worden aangemerkt als salaris als bedoeld in artikel 1, eerste lid, aanhef en onder e, van het AR. De Raad ziet in wat appellant hierover heeft aangevoerd geen grond voor het oordeel dat het college niet in redelijkheid heeft kunnen besluiten om, in vervolg op de intrekking in 2009 van de Regeling onkostenvergoeding voor nieuwe medewerkers, met ingang van 1 juni 2012 de vergoeding ook te beëindigen voor zittende medewerkers, onder wie appellant. De getroffen afbouwregeling - in de vorm van een afkoopsom ter grootte van de vergoeding over 24 maanden - is als voldoende ruim aan te merken. Geen beroep op het gelijkheidsbeginsel.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
