ECLI:NL:CRVB:2015:984
Centrale Raad van Beroep · 31-03-2015 · zaaknummer 13-6198 WWB
Inhoudsindicatie
De rechtbank heeft terecht overwogen dat appellante niet aannemelijk heeft gemaakt dat zij de gevraagde gegevens tijdig heeft overgelegd. Vaststaat dat appellante binnen de haar gestelde termijn een envelop heeft ingeleverd. Appellante heeft echter niet aannemelijk gemaakt dat de (lege) envelop de gevraagde gegevens bevatte, terwijl dat wel op haar weg lag. Het college heeft zich dan ook terecht op het standpunt gesteld dat appellante niet binnen de hersteltermijn de gevraagde gegevens heeft overgelegd. 2e aanvraag: Niet in geschil is dat appellante niet alle in het kader van deze aanvraag verzochte gegevens heeft overgelegd. Volgens vaste rechtspraak kan inzage in bankafschriften met betrekking tot de aan de aanvraag voorafgaande periode in het algemeen noodzakelijk zijn om het recht op bijstand in toereikende mate te kunnen beoordelen. Geen aanleiding bestaat om daarover in dit geval anders te oordelen.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
