ECLI:NL:CRVB:2015:4132
Centrale Raad van Beroep · 18-11-2015 · zaaknummer 14/2635 WWAJ
Inhoudsindicatie
Weigering toekenning Wajong-uitkering omdat appellante in staat is geacht op haar zeventiende/achttiende jaar en op 31 januari 2011 (datum einde studie met uitloop van zes maanden) tenminste 75% van het minimum jeugdloon te verdienen. Medische grondslag wordt onderschreven. Appellante heeft aangegeven bedenktijd nodig te hebben om te beslissen of ze een hoorzitting wenste. Er is vervolgens een belafspraak gemaakt, maar ondanks meerdere pogingen van het Uwv, is er geen contact geweest. Vervolgens heeft het Uwv appellante een brief gestuurd op 4 september 2013 met het verzoek om binnen een week te reageren als zij naar de hoorzitting wil komen. Op deze brief heeft appellante niet gereageerd. De Raad is van oordeel dat de handelswijze van het Uwv zorgvuldig is te achten. Appellante heeft, nadat het Uwv tevergeefs heeft geprobeerd te bellen, niet het initiatief genomen om terug te bellen en heeft ook niet op de brief gereageerd. De ontvangst ervan heeft ze niet ontkend.
Rechters
Advocaten
- A.W.J. van der Meer
- R.A. Kneefel
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
