ECLI:NL:CRVB:2015:2880
Centrale Raad van Beroep · 20-08-2015 · zaaknummer 13/2055 WAO
Inhoudsindicatie
Het Uwv heeft het in de tussenuitspraak (ECLI:NL:CRVB:2015:264) geconstateerde gebrek in het bestreden besluit hersteld door zelfstandig te beoordelen of appellant al dan niet de wachttijd heeft doorlopen en de mogelijk daaruit voortvloeiende gevolgen voor de aanspraken van appellant op grond van de WAO. Er zijn geen aanknopingspunten voor twijfel aan de conclusie van het Uwv. Het Uwv heeft daarom terecht geoordeeld dat appellant niet in aanmerking komt voor een WAO-uitkering per 16 december 1991. Appellant was op 17 juni 1992 niet verzekerd voor de Nederlandse arbeidsongeschiktheidswetten, aangezien hij niet vanaf 16 december 1991 doorlopend arbeidsongeschikt is geweest, zodat hij naar aanleiding van de melding op 17 juli 1992 niet in aanmerking komt voor een arbeidsongeschiktheidsuitkering.
Rechters
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
