ECLI:NL:CRVB:2015:2756
Centrale Raad van Beroep · 07-08-2015 · zaaknummer 14/433 WWAJ
Inhoudsindicatie
Aanvraag ihkv artikel 4:6 van de Awb. Het Uwv heeft uitsluitend beoordeeld of er aanleiding is om terug te komen van de besluiten uit 1978 en 1982. Terecht oordeel rechtbank dat er geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden zijn. Het Uwv had echter ook dienen te beoordelen of herziening aan de orde was voor de toekomst. Nu het Uwv dit heeft verzuimd, is het bb niet deugdelijk gemotiveerd, strijd met artikel 7:12, eerste lid, van de Awb. De conclusie, voor zover het de toekomst betreft, is dat de aanvraag van appellant had moeten worden afgewezen. AAW- uitkering is terecht onthouden. Het bb kan in stand blijven en de AU dient, met verbetering van de gronden, te worden bevestigd. Pkv en gr.recht.
Rechters
Advocaten
- J.H.M. Verstraten
- M.J.H.H. Fuchs
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
