ECLI:NL:CRVB:2015:207
Centrale Raad van Beroep · 28-01-2015 · zaaknummer 13-1090 WIA
Inhoudsindicatie
Het hoger beroep van appellant is gericht tegen het in het stand laten van de rechtsgevolgen van het bestreden besluit door de rechtbank, waardoor het vervallen van de loonsanctie in rechte is gehandhaafd. Uit het vorenstaande blijkt niet dat appellant het hoger beroep heeft ingetrokken omdat de door de rechtbank in stand gelaten rechtsgevolgen ongedaan zijn gemaakt en [de B.V.] alsnog een loonsanctie is opgelegd. De reden van intrekking van het hoger beroep lijkt veeleer te zijn gelegen in het feit dat [de B.V.] de vordering op hem wegens onverschuldigd betaald salaris heeft laten vervallen. In hoger beroep is derhalve geen sprake van een gehele of gedeeltelijke tegemoetkoming in de zin van artikel 8:75a, eerste volzin, van de Awb.
Rechters
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
