ECLI:NL:CRVB:2015:1149
Centrale Raad van Beroep · 27-03-2015 · zaaknummer 13-3214 WIA
Inhoudsindicatie
De Raad heeft in zijn uitspraak van 4 februari 2009 (ECLI:NL:CRVB:2009:BH1896) geoordeeld dat blijkens de wetsgeschiedenis de verzekeringsarts zich een oordeel dient te vormen over de duurzaamheid van de arbeidsongeschiktheid in de zin van artikel 4 van de Wet WIA, waarbij hij een inschatting dient te maken van de herstelkansen, in de zin van een verbetering van de functionele mogelijkheden van de betrokken verzekerde. Anders dan de rechtbank komt de Raad tot het oordeel dat de door de verzekeringsarts bezwaar en beroep in zijn rapport van 21 augustus 2012 geuite verwachting van een relevante verbetering, niet berust op een concrete en deugdelijke afweging van de feiten en omstandigheden die bij appellant aan de orde zijn. Het onderzoek door de verzekeringsarts bezwaar en beroep is daartoe onvoldoende geweest. Het bestreden besluit berust op onvoldoende onderzoek en een gebrekkige motivering.
Advocaten
- H.M.J. Offermans
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
