ECLI:NL:CRVB:2014:3478
Centrale Raad van Beroep · 27-10-2014 · zaaknummer 14-5824 WWB-VV
Inhoudsindicatie
Afwijzing verzoek om voorlopige voorziening. Intrekking en terugvordering bijstand. Verzoekster beschikt niet meer over een verblijfstitel op grond waarvan recht bestaat op bijstand. Voldoende spoedeisend, nu verzoekster voldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zij haar woning zal verliezen als zij verstoken blijft van financiële middelen. Dat een vreemdeling de behandeling van een verzoek om een voorlopige voorziening in Nederland mag afwachten, brengt geen rechtmatig verblijf met zich. Het onderscheid in bijstandsverlening dat verzoekster bestrijdt, vloeit voort uit de keuze van de wetgever om in vreemdelingenzaken rechtmatig verblijf toe te kennen aan vreemdelingen hangende het eerste rechtsmiddel tegen de intrekking van hun toelating en niet hangende een volgend rechtsmiddel. Evenals de rechtbank ziet de voorzieningenrechter geen aanleiding het hieruit voortvloeiende gevolg voor de toepassing van de WWB als een ongerechtvaardigd onderscheid aan te merken, nu geen sprake is van gelijke gevallen.
Rechters
Advocaten
- H.M. de Roo
Partijen
[verzoekster]
verzoekster · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
