ECLI:NL:CRVB:2014:3030
Centrale Raad van Beroep · 09-09-2014 · zaaknummer 11-6596 WWB
Inhoudsindicatie
1) Afwijzing aanvraag bijstand. Twee periodes. Periode A) Het college heeft bij het onderzoek naar het recht op bijstand appellant terecht om bankafschriften, gegevens over zijn feitelijke verblijfplaats, en bewijsstukken hoe hij in zijn levensonderhoud heeft voorzien, gevraagd. Periode B) Niet staande kan worden gehouden dat appellant onvoldoende opgave heeft gedaan van de wijze waarop hij zijn leven heeft ingericht en hoe hij in zijn levensonderhoud heeft voorzien. Schending inlichtingenverplichting. Geen schending van artikel 3 en 8 EVRM. Wettelijke rente. 2) Intrekking bijstand. Gezien omstandigheden en de voorgeschiedenis is de enkele omstandigheid dat appellant meer dan een keer in Amsterdam Zuidoost heeft overnacht, overigens zonder aan te geven hoeveel keer dat is geweest, in plaats van ergens op straat, onvoldoende voor de conclusie dat het recht op bijstand niet langer is vast te stellen. Onvoldoende feitelijke grondslag.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
