ECLI:NL:CRVB:2014:2495
Centrale Raad van Beroep · 23-07-2014 · zaaknummer 12-3901 ZW
Inhoudsindicatie
Uitspraak 1: De Raad is met het Uwv van oordeel dat van een privaatrechtelijke dienstbetrekking in de zin van artikel 7:610 van het BW onvoldoende gebleken is. Appellant kan niet worden aangemerkt als een werknemer in de zin van artikel 3, eerste lid, van de ZW. Hieruit volgt dat het Uwv op goede gronden appellant een uitkering ingevolge de ZW heeft geweigerd. Uitspraak 2: Hetgeen appellant in hoger beroep tegen aangevallen uitspraak 2 heeft aangevoerd vormt een herhaling van hetgeen hij in bezwaar en beroep heeft aangevoerd. Nu het punt van geschil in onderhavige zaak gelijk is aan het geschil in 12/3901 ZW wordt geen aanleiding gezien anders te oordelen dan de rechtbank heeft gedaan.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
