ECLI:NL:CRVB:2014:2237
Centrale Raad van Beroep · 20-06-2014 · zaaknummer 12-859 WAZ
Inhoudsindicatie
Appellant heeft bij brief van 16 juni 2009 verzocht om hem een WAZ-uitkering toe te kennen. Bij brief van 24 november 2009 is namens appellant bezwaar gemaakt tegen het uitblijven van een beslissing op de aanvraag. De beslistermijn als bedoeld in artikel 95, eerste lid, van de WAZ was op dat moment reeds verstreken zodat nadien van opschorting van de termijn, als bedoeld in artikel 4:5 van de Awb, geen sprake meer kan zijn. Het Uwv was op 15 september 2010 niet meer bevoegd de bij brief van 16 juni 2009 ontvangen aanvraag om WAZ-uitkering met toepassing van artikel 4:5, eerste lid (oud), van de Awb buiten behandeling te laten. Een inhoudelijke beslissing op die aanvraag was dan ook aangewezen. Vernietiging uitspraak. Nieuw besluit op bezwaar.
Advocaten
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
