ECLI:NL:CRVB:2014:158
Centrale Raad van Beroep · 16-01-2014 · zaaknummer 11-6976 AW
Inhoudsindicatie
1) Het bezwaar tegen het opgelegde contactverbod is ten onrechte niet ontvankelijk verklaard. Besluit in de zin van art 1:3 Awb. Het college is tot oplegging van het contactverbod overgegaan zonder een deugdelijk feitenonderzoek te verrichten en zonder te voldoen aan het vereiste van hoor en wederhoor. De verwijten aan betrokkene waren voorbarig en het college had niet tot oplegging van het contactverbod mogen besluiten. 2) Beoordeling ten aanzien van “samenwerken” en “communicatieve vaardigheden”. Onvoldoende onderbouwing. 3) Schadevergoeding. Betrokkene heeft niet aannemelijk gemaakt dat ten gevolge van de afhandeling van de klacht sprake is geweest van als aantasting van zijn persoon aan te merken geestelijk letsel waaraan hij aanspraak op vergoeding van immateriële schade kan ontlenen. Volgens vaste rechtspraak (CRvB 30 juni 2011, ECLI:NL:CRVB:2011:BR1216) is daarvoor onvoldoende dat sprake is van meer of minder sterk psychisch onbehagen en van een zich gekwetst voelen door het onrechtmatig besluit.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
