ECLI:NL:CRVB:2013:BY8648
Centrale Raad van Beroep · 08-01-2013 · zaaknummer 11-3185 WWB
Inhoudsindicatie
Intrekking en terugvordering bijstand. Het college heeft aan de bewijslast voldaan. Appellante is er niet in geslaagd om feiten en omstandigheden naar voren te brengen die twijfel doen rijzen over de juistheid van de gegevens. In geval van gezinsbijstand worden de beide in de gezinsbijstand begrepen partners als een eenheid gezien wat betreft hun aanspraken en verplichtingen op grond van de WWB. Voor de terugvordering geldt dat een van beide in de gezinsbijstand begrepen partners zich niet met succes kan beroepen op onbekendheid met het doen en laten van de andere partner. In hetgeen door appellante in dit verband is aangedragen, ziet de Raad geen aanleiding om tot een ander oordeel te komen. De beroepsgrond dat in de periode van 1 mei 2003 tot 1 mei 2004 geen inkomsten van de partner bekend zijn, zodat er geen grond is voor intrekking en terugvordering van de uitkering over de periode van 18 oktober 2003 tot 1 mei 2004, slaagt. Uit de gegevens van de Engelse belastingdienst blijkt niet van inkomsten over deze periode.
Advocaten
- R.L. Braakman
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
