ECLI:NL:CRVB:2013:887
Centrale Raad van Beroep · 09-07-2013 · zaaknummer 12-2045 WWB
Inhoudsindicatie
De Raad onderschrijft het oordeel van de rechtbank dat voldoende aanleiding bestond om door middel van waarnemingen te onderzoeken of appellant al dan niet werkzaam was bij het reisbureau. In dit geval is voldaan aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit. Er is een toereikende feitelijke grondslag voor de conclusie dat appellant in de te beoordelen periode werkzaam is geweest bij het reisbureau. De bijstand van appellanten is door het college terecht ingetrokken.
Advocaten
- J.E. Carter
- S. van Andel
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
