Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2013:2319

Centrale Raad van Beroep · 06-11-2013 · zaaknummer 12-6533 WW

Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 06-11-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

Niet is komen vast te staan dat de beëindiging op 30 september 2010 ook schriftelijk tussen betrokkene en werkgeefster was overeengekomen. Betrokkene of diens gemachtigde heeft immers niet vóór 1 oktober 2010 een schriftelijk stuk, waartoe ook een e-mail wordt gerekend, aan werkgeefster doen toekomen waaruit blijkt dat die opvatting van werkgeefster door betrokkene wordt onderschreven. Eerst met de ondertekening van de overeenkomst op 1 oktober 2010 door werkgeefster en betrokkene is voldaan aan de eis van schriftelijkheid die in artikel 16, derde lid, vijfde volzin en onder c, van de WW is gesteld, zodat de fictieve opzegtermijn met ingang van die dag een aanvang heeft genomen. Appellant heeft de opzegtermijn terecht toegerekend aan de periode direct volgend op 1 oktober 2010. Het oordeel van de rechtbank is dus niet juist. Tegen de berekening van de duur van de opzegtermijn zijn geen gronden aangevoerd, zodat ervan wordt uitgegaan dat betrokkene niet vóór 1 maart 2011 werkloos was. Vernietiging uitspraak. Beroep ongegrond.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.