ECLI:NL:CRVB:2013:2062
Centrale Raad van Beroep · 15-10-2013 · zaaknummer 12-1921 WWB
Inhoudsindicatie
Bij besluit heeft het dagelijks bestuur de bijstand van appellante herzien in die zin dat over een aantal maanden in 2010 en in 2011 geen recht op bijstand bestaat gerelateerd aan het bedrag van de vermogensoverschrijding. Tevens is van appellante over 2010 een bedrag teruggevorderd. Het bedrag van de belastingteruggave moet worden beschouwd als een naderhand verkregen en voor de verlening van bijstand in aanmerking te nemen middel met betrekking tot een periode waarover bijstand is verleend. De Raad ziet voorts, evenals de rechtbank, in de gedingstukken geen feitelijke grondslag voor het standpunt van appellante dat een medewerker van de sociale dienst heeft toegezegd dat zij met het bedrag van de belastingteruggave voor een bedrag van ongeveer € 3.000,- een auto zou mogen kopen zonder dat dit gevolgen voor haar bijstandsuitkering zou hebben. Nu van in aanmerking te nemen negatieve vermogensbestanddelen niet is gebleken, is het vermogen van appellante na ontvangst van de belastingteruggave op het juiste bedrag vastgesteld. De aanschaf van de auto, waarmee overigens in feite slechts sprake was van een vermogensverschuiving, is op die vaststelling niet van invloed.
Advocaten
- I.P.M. Boelens
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
