ECLI:NL:CRVB:2013:1852
Centrale Raad van Beroep · 25-09-2013 · zaaknummer 12-3826 WW
Inhoudsindicatie
Bij besluit heeft het Uwv de aan appellant toegekende WW-uitkering herzien en de onverschuldigd betaalde WW-uitkering van appellant teruggevorderd op de grond dat appellant werkzaamheden heeft verricht en deze niet heeft doorgegeven aan het UWV. Ambtshalve wordt overwogen dat de hier aan de orde zijnde getrapte wijze van besluitvorming zich niet verdraagt met artikel 7:11 van de Awb, hieruit volgt dat op het bezwaar tegen een primair besluit met één besluit wordt beslist. Als vaststaand wordt aangenomen dat appellant van 12 april 2010 tot en met 23 september 2010 gedurende één uur per dag werkzaamheden heeft verricht in de zin van artikel 20, eerste lid, aanhef en onder a, van de WW. Zelf zal in de zaak worden voorzien door de WW-uitkering van appellant over de periode van 12 april 2010 tot en met 23 september 2010 met één uur per dag te herzien en door het bedrag van de terugvordering over deze periode vast te stellen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
