ECLI:NL:CRVB:2013:1743
Centrale Raad van Beroep · 12-09-2013 · zaaknummer 12-2595 AW
Inhoudsindicatie
Na een incident is appellante geschorst bij besluit 1 en 2, is buitengewoon verlof verleend bij besluit 3, is de beoordeling over het jaar 2010 ongewijzigd vastgesteld bij besluit 4 en is bij besluit 5 de aanstelling per 4 augustus 2011 beëindigd. Door het incident had het college een voldoende grond om appellante gedurende een korte periode in het belang van de dienst te schorsen. Besluiten 1 en 2 houden stand. Het bezwaar tegen besluit 3, de verlening van buitengewoon verlof dat zou ingaan op de dag dat appellante weer hersteld zou zijn, is ten onrechte niet-ontvankelijk verklaard. Na inhoudelijke beoordeling door de Raad is het beroep tegen besluit 3 ongegrond verklaard. De Raad deelt het oordeel van de rechtbank, dat het ontbreken van de vermelding van enige namen in de beoordeling niet tot een vernietiging van besluit 4 hoeft te leiden. Toch kan besluit 4 in rechte geen stand houden. De Raad ziet aanleiding met toepassing van artikel 8:72, vierde lid (oud), van de Awb het bezwaar gegrond te verklaren en met vernietiging van besluit 4, voor zover het betreft de eindscore, deze score zelf vast te stellen. Tot sluit besluit 5. De Raad stelt vast dat de rechtbank in de aangevallen uitspraak het juiste bij een aanstelling voor een proeftijd behorende toetsingskader heeft gehanteerd.
Advocaten
- M.M.S. Hopmans
- N. van Bremen
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
