ECLI:NL:CRVB:2013:1735
Centrale Raad van Beroep · 11-09-2013 · zaaknummer 12-3229 WAO
Inhoudsindicatie
Tussen partijen is ten eerste in geschil of de arbeidsongeschiktheid van appellant met ingang van 7 mei 2010 is toegenomen door dezelfde oorzaak als die ter zake waarvan hij een WAO-uitkering ontving. Het Uwv heeft zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat op 7 mei 2010 geen sprake was van toegenomen arbeidsongeschiktheid door dezelfde oorzaak als die ter zake waarvan appellant een WAO-uitkering ontving. Een verkorte wachttijd als bedoeld in artikel 39a van de WAO was derhalve niet aan de orde. Ten tweede heeft het Uwv, zonder dat daarvoor enigerlei basis was, een beoordelingsmoment op 29 november 2010 geconstrueerd en de heeft rechtbank, ondanks hetgeen appellant hiertegen heeft aangevoerd, verzuimd dit te onderkennen en hierover een oordeel te geven.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
