ECLI:NL:CRVB:2012:BY5477
Centrale Raad van Beroep · 07-12-2012 · zaaknummer 09-3388 WSF
Inhoudsindicatie
Wsf. Vaststelling geen resterend recht als bedoeld in artikel 5.7, tweede lid, van de Wsf 2000 dat in de vorm van een gift kan worden verstrekt. Nu onbetwist is dat appellant voorafgaand aan de als postinitiële masteropleiding te beschouwen opleiding geen studiefinanciering op grond van de Wsf 2000 heeft ontvangen, is er van een dergelijke resterende periode aan prestatiebeurs geen sprake. De omstandigheid dat appellant, zoals hij zelf heeft gesteld, de mogelijkheid van artikel 5.7, tweede lid, van de Wsf 2000 niet kan benutten omdat voor de eerder door hem gevolgde opleiding geen prestatiebeurs kon worden verstrekt omdat de huidige regeling van artikel 2.14 van de Wsf 2000 toen nog niet bestond, kan niet leiden tot een ander oordeel. Behoud van procesbelang bij nieuw besluit .
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
