ECLI:NL:CRVB:2012:BY4746
Centrale Raad van Beroep · 30-11-2012 · zaaknummer 11-1149 WAO
Inhoudsindicatie
Vaststelling WAO-uitkering. Gelet op de gelijktijdige samenloop van WAO en Waz en de wijze waarop de voorganger van het Uwv is omgegaan met het toerekenen van de resterende verdiencapaciteit, had het op de weg van de voorganger van het Uwv gelegen om appellante voor te lichten over de gevolgen die stijging van haar winst als zelfstandige zou hebben voor de WAO-uitkering. Uit de rapporten uit die periode blijkt niet dat met appellante over dit aspect is gesproken. Appellante was niet op de hoogte van de mogelijkheid van verrekening van de verdiensten als zelfstandige met de lopende WAO-uitkering en dat zij zich daar ook niet in kon vinden. Uit de bij het verweerschrift gevoegde rapportage van een bezwaarverzekeringsarts blijkt dat een noodzakelijke jaarlijkse beoordeling van de winst vanaf 20 december 1999 om onduidelijke redenen achterwege is gebleven en dat ook de in 2004 gemaakte beoordeling inzake de Waz strikt genomen niet juist was. Onder deze omstandigheden kan het appellante redelijkerwijs niet duidelijk zijn geweest dat zij vanaf 30 augustus 2004 een te hoge WAO-uitkering ontving. De andersluidende conclusie van de rechtbank en het Uwv kan niet worden gevolgd.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
