ECLI:NL:CRVB:2012:BX0486
Centrale Raad van Beroep · 03-07-2012 · zaaknummer 10-1884 WWB
Inhoudsindicatie
Maatregelen. Verlaging bijstand. De rechtbank wordt gevolgd in haar oordeel dat het gedrag van appellant, te weten het - tot driemaal toe - niet meewerken aan een traject, moet worden gekwalificeerd als het niet of onvoldoende meewerken aan een re-integratietraject. Wat appellant heeft aangevoerd biedt geen grond voor het oordeel dat elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt. Er is sprake van recidive. De bijstand van appellant dient driemaal te worden verlaagd met in beginsel de gehele bijstandsnorm gedurende een maand. Bij de tweede weigering van appellant is sprake van recidive. De duur van de tweede verlaging dient dan ook te worden verdubbeld. Ten aanzien van de derde weigering houdt de verlaging voor de duur van vier maanden in rechte stand op grond van de verhoogde verwijtbaarheid. Dat appellant daarmee in totaal voor zeven maanden is uitgesloten van bijstand, leidt in dit geval niet tot het oordeel dat de maatregel als onevenredig moet worden aangemerkt. Appellant heeft met zijn volharding om de aangeboden voorzieningen te weigeren, de mogelijke uitstroom naar betaalde arbeid belemmerd. Die gedraging kan hem zwaar worden aangerekend. Er is geen sprake van dringende redenen. Het betoog van appellant dat de Afstemmingsverordening geen ruimte biedt voor het opschuiven van de ingangsdatum van de bij besluit 3 opgelegde verlaging slaagt niet.
Rechters
Advocaten
- A.E.L.T. Balkema
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
