Place4Law · het juridische netwerkLive in Nederland · editie 2026
Place4Law: weegschaal, verbonden handen

ECLI:NL:CRVB:2012:BW6840

Centrale Raad van Beroep · 29-05-2012 · zaaknummer 09/6651 WWB + 12/307 WWB

Bestuursrecht; Bestuursrecht; SocialezekerheidsrechtGepubliceerd 05-04-2013
Deel LinkedIn

Inhoudsindicatie

In dit geding is de vraag aan de orde of sprake is van bijzondere omstandigheden die rechtvaardigen dat bijstand wordt toegekend met ingang van een datum voorafgaand aan de datum waarop betrokkene zich heeft gemeld om bijstand aan te vragen. Raad: Ingevolge art. 44, lid 1 WWB wordt, indien door het college is vastgesteld dat recht op bijstand bestaat, de bijstand toegekend vanaf de dag waarop dit recht is ontstaan, voor zover deze dag niet ligt voor de dag waarop de belanghebbende zich heeft gemeld om bijstand aan te vragen. Anders dan betrokkene meent, biedt de tekst van deze bepaling op zichzelf geen ruimte om bijstand toe te kennen met ingang van een eerdere datum dan die van de melding. De Rb. heeft de conclusie dat appellant erkent dat sprake was van een onhoudbare situatie, mede veroorzaakt door het optreden van zijn medewerkers, met name getrokken uit het volgende citaat uit de uitspraak van de voorzieningenrechter van 22 oktober 2008: “Ter zitting heeft de heer [D.] aangegeven dat verzoeker zich opnieuw kan melden bij de gemeente, dat er voor gezorgd zal worden dat verzoeker correct wordt behandeld en mevrouw [B.] heeft toegezegd dat zij persoonlijk zal toezien op de afhandeling van een nieuwe aanvraag van verzoeker.” Deze uitlatingen van de beide medewerkers van appellant rechtvaardigen evenwel niet de conclusie die de Rb. heeft getrokken. De mededeling dat betrokkene bij een volgende aanvraag correct zal worden behandeld, betekent niet, zoals betrokkene meent, dat appellant erkent dat betrokkene voorheen niet correct of zelfs onfatsoenlijk is behandeld. Aannemelijk is dat, zoals appellant heeft aangevoerd, deze uitlatingen enkel waren bedoeld als een soort van garantie of geruststelling om betrokkene ertoe te bewegen na drie jaar opnieuw bijstand aan te vragen. Het oordeel dat aan de kant van appellant niet altijd correct met betrokkene is omgegaan en dat ook appellant tot de conclusie was gekomen dat sprake was van een onhoudbare toestand, is behalve met dit citaat op geen enkele wijze onderbouwd. In de gedingstukken is geen steun te vinden voor het standpunt van betrokkene dat hij destijds door medewerkers van appellant onheus is behandeld, hetgeen voor hem een beletsel vormde om zich eerder dan op 10 oktober 2008 opnieuw te melden voor bijstand. De opvatting van betrokkene dat hij destijds onheus is bejegend door medewerkers van appellant en hij pas bereid was een aanvraag in te dienen zodra appellant deze onheuse bejegening zou erkennen, kan niet worden aangemerkt als een bijzondere omstandigheid die bijstandsverlening met terugwerkende kracht rechtvaardigt. Aangevallen uitspraak vernietigd.

Advocaten

In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.

Gemachtigden en juristen in deze zaak

In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.

Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.