ECLI:NL:CRVB:2012:BW4037
Centrale Raad van Beroep · 18-04-2012 · zaaknummer 10-3800 WIA
Inhoudsindicatie
Ambtshalve overweegt de Raad dat ingevolge art. 8:7 lid 2 Awb niet de Rb. 's Gravenhage, maar de Rb. 's Hertogenbosch bevoegd was om op appellantes beroep te beslissen. De Rb. heeft het beroep kennelijk uit proceseconomische overwegingen behandeld. De toepasselijke wettelijke voorschriften inzake de relatieve competentie maken een hierop gerichte verwijzing evenwel niet mogelijk. In de gegeven omstandigheden ziet de Raad aanleiding om met toepassing van art. 28 Beroepswet de onbevoegdheid van de Rb. voor gedekt te verklaren en de aangevallen uitspraak als bevoegdelijk gedaan aan te merken.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
