ECLI:NL:CRVB:2012:BW3656
Centrale Raad van Beroep · 17-04-2012 · zaaknummer 10-2219 WWB
Inhoudsindicatie
Intrekking bijzondere bijstand en terugvordering. De kosten waarvoor bijzondere bijstand was gevraagd en toegekend hebben zich uiteindelijk niet voorgedaan, zodat - achteraf bezien - de bijzondere bijstand ten onrechte is verleend. Dit is dus niet het gevolg van de schending van de inlichtingenverplichting door appellante wegens het niet tijdig melden aan het college dat de deelnemersbijdrage aan haar was terugbetaald. Vernietiging aangevallen uitspraak en vernietiging van het bestreden besluit voor zover het de intrekking betreft. In hetgeen appellante heeft aangevoerd is geen grond gelegen voor het oordeel dat het college niet in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot intrekking gebruik heeft kunnen maken. Uit het toekenningsbesluit had appellante kunnen en moeten afleiden dat zij de bijzondere bijstand niet voor een ander doel dan voor de kosten van de leergang mocht aanwenden. De rechtsgevolgen van vernietigde gedeelte van het bestreden besluit blijven in stand. Er is geen grond voor het oordeel dat het college niet het gehele bedrag aan bijzondere bijstand heeft kunnen terugvorderen.
Advocaten
- B. Mous
- C.J. Telting
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
