ECLI:NL:CRVB:2012:BV9390
Centrale Raad van Beroep · 13-03-2012 · zaaknummer 10/3143 WWB + 10/3145 WWB
Inhoudsindicatie
Intrekking bijstand en terugvordering. Schending inlichtingenverplichting. Er moet worden geconcludeerd dat [T.] in de te beoordelen periode handelde in auto’s. Geen schending van artikel 6, derde lid, van het EVRM. Er is geen grond om appellante te volgen in haar stelling dat de afgelegde verklaring van [T.] buiten beschouwing had moeten blijven omdat hij zonder tolk is gehoord terwijl hij de Nederlandse taal onvoldoende machtig is. Het had appellante redelijkerwijs duidelijk moeten zijn dat het bij de autohandel van [T.], zijnde haar partner, en de inkomsten die daarmee werden behaald ging om feiten of omstandigheid die van invloed kunnen zijn op haar recht op bijstand. In hetgeen is aangevoerd is geen grond gelegen voor het oordeel dat het dagelijks bestuur niet in redelijkheid van zijn bevoegdheid tot intrekking gebruik heeft kunnen maken. Geen sprake van dringende redenen op basis waarvan het dagelijks bestuur af had moeten zien van terugvordering. Afwijzing aanvraag om bijstand. Er is geen sprake van een wijziging in de omstandigheden in die zin dat appellante nu wel voldoet aan de vereisten om voor bijstand in aanmerking te komen.
Advocaten
In deze uitspraak zijn geen advocaten of gemachtigden met naam genoemd.
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
