ECLI:NL:CRVB:2011:BU1405
Centrale Raad van Beroep · 11-10-2011 · zaaknummer 10-288 WWB
Inhoudsindicatie
Doende hetgeen de rechtbank zou behoren te doen, zal de Raad het besluit van 6 april 2009 vernietigen wegens strijd met de artikelen 3:2 en 7:12, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht voor zover dit ziet op de intrekking van de bijstand van appellante over de periode van 1 maart 2004 tot 24 april 2007 en het besluit van 15 juli 2008 in zoverre herroepen. De Raad zal het besluit van 6 april 2009 geheel vernietigen voor zover dit ziet op de terugvordering aangezien een besluit tot terugvordering ondeelbaar is. De Raad stelt vast dat de periode waarover kan worden teruggevorderd, door deze uitspraak vaststaat. De Raad beschikt over onvoldoende gegevens om zelf in de zaak te voorzien. Daarom zal hij het College opdragen om een nieuw besluit te nemen op het bezwaar tegen het besluit van 15 juli 2008 en daarbij de terugvordering te bepalen op het bedrag dat overeenkomt met de ten onrechte verleende bijstand over de periode van 24 april 2007 tot en met 31 mei 2008. De Raad ziet in dit geval, nu nog slechts een nieuw te maken berekening van het terug te vorderen bedrag resteert ten aanzien van de in deze uitspraak duidelijk gemarkeerde perioden, en daarover naar verwachting geen nieuwe discussie zal kunnen ontstaan, af van toepassing van de zogenoemde bestuurlijke lus om te komen tot finale beslechting van het geschil.
Advocaten
Partijen
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
