ECLI:NL:CRVB:2011:BQ3334
Centrale Raad van Beroep · 26-04-2011 · zaaknummer 09/2906 WWB + 09/2907 WWB
Inhoudsindicatie
Bijstand is terecht verleend onder aftrek van de inkomsten die appellanten hebben uit de toelage van de moeder van appellant en van de voorlopige teruggave die aan appellante was toegekend. Uit de verklaringen van de moeder volgt dat er geen lening is aangegaan met een concrete en daadwerkelijke aflossingsverplichting, zodat de door de moeder ter beschikking gestelde bedragen gerekend moeten worden tot de middelen waarover appellanten konden beschikken in de zin van artikel 31 van de WWB. Dat het niet gaat om een schenking, en dat er in de civielrechtelijke verhouding tussen appellanten, de moeder en de erfgenamen wel sprake is van een lening, doet hieraan niet af. Daarvoor gelden immers andere criteria dan in het kader van de toepassing van de WWB. Appellanten zijn in staat gebleken om de betalingen van de Belastingdienst te leiden naar een bankrekening, waardoor zij die middelen konden aanwenden om te voorzien in de noodzakelijke kosten van het bestaan. Niet valt in te zien waarom zij dit niet eerder hebben kunnen doen. Dit betekent dat appellanten ook redelijkerwijs konden beschikken over betalingen van Belastingdienst die eerder op de andere bankrekening zijn gestort.
Advocaten
- H.R. Slot
- Mr. G.H. Thasing
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
[appellante]
appellante · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
