ECLI:NL:CRVB:2011:BQ0530
Centrale Raad van Beroep · 05-04-2011 · zaaknummer 09-1887 WWB
Inhoudsindicatie
Het College heeft het bezwaar van appellant terecht, zij het op onjuiste gronden, niet-ontvankelijk verklaard. De brief van 3 juni 2008, waarbij het College appellant in de gelegenheid stelt een aanvraag binnen de gestelde termijn aan te vullen, is een besluit als bedoeld in art. 1:3, Awb. De brief van 3 juni 2008 is een besluit (in de zin van art. 6:3, Awb) inzake de procedure ter voorbereiding van het besluit van het College op de aanvraag van appellant. Appellant wordt daardoor los van het te nemen besluit op de aanvraag niet rechtstreeks in zijn belang getroffen. Het in de brief van 3 juni 2008 vervatte besluit kan immers in het kader van bezwaar en beroep tegen een besluit tot buitenbehandelingstelling van de aanvraag of tegen een inhoudelijk besluit op de aanvraag - ten volle - worden aangevochten. Dat een besluit als bedoeld in artikel 4:5, eerste lid, aanhef en onder c, van de Awb ingevolge artikel 4:15, eerste lid, aanhef en onder a, van de Awb tot gevolg heeft dat de beslistermijn wordt opgeschort, leidt evenmin tot het oordeel dat appellant door het in de brief van 3 juni 2008 vervatte besluit, los van het te nemen besluit op de aanvraag in zijn belang wordt getroffen. In het kader van bezwaar en beroep tegen een besluit tot buitenbehandelingstelling van de aanvraag of tegen een inhoudelijk besluit op de aanvraag kan immers ook (vertragings)schade worden gevorderd.
Rechters
Advocaten
- D. van der Wal
Partijen
[appellant]
appellant · onbekend
Gemachtigden en juristen in deze zaak
In deze uitspraak zijn geen gemachtigden of juristen met naam genoemd.
Bron: openbaar gepubliceerde uitspraak van de Rechtspraak. Wij tonen alleen de metadata en de inhoudsindicatie zoals gepubliceerd; de volledige uitspraak lees je bij de bron. Klopt er iets niet of wilt u dit niet zo? Meld het via de contactpagina.
